AMS »  Urine-incontinentie »  Oorzaken

Urine-incontinentie

Oorzaken

Urine-incontinentie is geen ziekte, maar een symptoom, dat verschillend tot uiting kan komen en waaraan een groot aantal oorzaken ten grondslag kan liggen. Vaak is de mannelijke urine-incontinentie op een defecte urinale sluitspier terug te herleiden, die bijv. het gevolg is van een prostaatverwijdering (als gevolg van behandeling van kanker).

Om voor u de bestmogelijke therapievorm te kunnen bepalen, moet uw arts niet alleen de oorzaak, maar ook de soort urine-incontinentie ophelderen. Voor deze opheldering zal uw arts u grondig onderzoeken en een volledige medische geschiedenis opnemen. In principe zal uw huisarts de eerste basisonderzoeken uitvoeren en u dan evt. doorverwijzen naar een specialist (uroloog). Deze handhaaft in het kader van uitgebreide diagnostiek een veeltal testmethodes, dat wij hieronder zullen toelichten.
 
Soorten urine-incontinentie

In principe kan de urine-incontinentie aan de hand van de symptomen in vijf basistypen worden ingedeeld. Deze kunnen zowel onafhankelijk van elkaar alsook gecombineerd optreden. In een groot aantal gevallen zullen patiënten symptomen van meerdere soorten incontinentie vertonen.

1.      Belasting- of stressincontinentie: Door een lichamelijke activiteit, (bijv. heffen, lichamelijke training, niezen of hoesten) verhoogt de druk op uw blaas. resp. uw blaassluitspier. Deze belasting leidt tot een onwillekeurig urineverlies.

2.      Drangincontinentie: In dit geval kan uw blaassluitspier weliswaar functioneren, maar is uw blaas overactief. De blaas kan normale urinehoeveelheden opnemen en u merkt een continue, overweldigende urinedrang. Vaak is dit het geval van ongecontroleerd urineverlies (in principe voordat u op het toilet bent).

3.      Gemengde incontinentie: Hiervan is sprake als u zowel de symptomen van de stress- alsook de drangincontinentie vertoont.

4.      Overloopincontinentie: Door een versmalling van de urinebuis zal het lastiger worden om de blaas volledig te legen. Hierdoor wordt de urinehoeveelheid in de blaas steeds groter. Dit leidt tot een overrekking en daardoor tot verlies van contractievaardigheid van de blaasspieren. Bovendien ontstaat een hoge interne blaasdruk, die ten slotte tot opening van de sluitspier leidt, waardoor u (druppelsgewijs) urine verliest.

5.      Functionele incontinentie – Bij deze soort urinecontinentie is de functie van uw blaas resp. uw onderste urinekanaal in orde. De redenen voor uw urine-incontinentie zijn psychisch en/of psychischfunctionele zwakten zoals bijv. ontbrekende mobiliteit waardoor u niet naar het toilet kunt gaan.
 
Oorzaken van urine-incontinentie

Voor een urine-incontinentie is een groot aantal oorzaken mogelijk:

·        Prostaatverwijdering:
De meest voorkomende oorzaak van urine-incontinentie bij de man, is een radicale prostatectomie in het kader van een behandeling bij kanker¹. Afhankelijk van de grootte van de tumor worden bij deze operatie niet alleen de prostaat, maar ook de weefsels die voor de controle van de urinestroom noodzakelijk zijn, verwijderd. De waarschijnlijkheid dat u na een radicale prostatectomie aan urine-incontinentie lijdt, ligt tussen de 3% tot 60%.² ³

Een andere, echter zeldzamere, oorzaak is een prostaatoperatie, die voor de behandeling van een vergrote prostaat (benigne prostaathypertrofie, afgekort BPH) is uitgevoerd. Een zware incontinentie, die het gevolg is van deze behandeling, komt echter bij minder dan 5% van de patiënten voor.

De waarschijnlijkheid dat u na een prostaatoperatie aan urine-incontinentie lijdt, wordt bepaald door vier tot vijf factoren (zoals bijv. hoeveel van de prostaat, resp. het omliggende weefsel is verwijderd, de leeftijd en de algemene gezondheidstatus). Direct na een prostaatoperatie komt het echter wel vaak tot een tijdelijke incontinentie, die na enkele weken of maanden weer verdwijnt. Als echter na enkele maanden geen verbetering kan worden vastgesteld, en de urine-incontinentie ook blijft aanhouden, dient u direct uw arts te raadplegen.

·        Infecties en medicatie:
Een tijdelijke urine-incontinentie kan door urinekanaalinfecties worden geactiveerd. Net zoals bepaalde medicijnen die de waarschijnlijkheid op een tijdelijke incontinentie vergroten.

·        Aandoeningen:
De oorzaken van een chronische urine-incontinentie kunnen het gevolg zijn van verschillende aandoeningen of omstandigheden, die de urinale sluitspier beschadigen of verzwakken. Hiertoe behoren problemen aan het ruggenmerg, zoals bijv. spina bifida (aangeboren vervorming van de wervelkolom en de neuraalbuis), letsel aan het ruggenmerg of een vervorming van de onderste wervelkolom (sacrale agenesie). Echter ook neurologische aandoeningen, zoals multiple sclerose, Parkinson, een beroerte of diabetes kan tot urine-incontinentie leiden.

·        Detrusor-sfincter-dissynergie:
Als andere mogelijke oorzaak van een urine-incontinentie kan ook detrusor-sfincter-dissynergie (zie ook: DSD) mogelijk zijn. Dit is een ernstige toestand die vaak bij patiënten met letsels aan het ruggenmerg en bij multiple sclerose is waar te nemen. Detrusor-sfincter-dissenergie wordt veroorzaakt door letsels tussen de hersenstam en het onderste deel (sacrale bereik) van het ruggenmerg.

·        Urinebuis stricturen:
Daarenboven kunnen terugkerende bulbare urinebuis stricturen (zie ook: HRS) urine-incontinentie veroorzaken. Onder urinebuis stricturen verstaat men het bereik met verharde weefsels, die de urinebuis versmallen waardoor, als gevolg van littekenverklevingen, trauma's of infecties kunnen optreden. Stricturen kunnen de urinestroom uit de blaas tegenhouden, zodat de blaas harder moet werken om de urine door het versmalde gedeelte te drukken. De blaas wordt als gevolg hiervan in principe niet volledig geleegd.
 
1. Blaivas JG. Conquering bladder and prostate problems. New York: Plenum Publishing Corporation, p. 208.
2. Litwin MS, Hays RD, Fink A. Ganz PA, Leake B, Leach GE, Brook RH. Quality-of-life outcomes in men treated for localized prostate cancer. JAMA. Jan 1995; 273(2):129-35.
3. Herr HW. Quality of life of incontinent men after radical prostatectomy. J. Urol. March 1994; 151(3):652-4.
4. Krane RJ. Urinary incontinence after treatment for localized prostate cancer. Mol. Urol. Fall 2000; 4(3):279-86.
5. Mulcahy JJ. Tips for successful placement of the artificial urinary sphincter. Contemp Urol. Sept. 1999; 46-51.